Resultaten afvalonderzoek bekend

Resultaten afvalonderzoek bekend

Huidige situatie

Ruim driekwart van de inwoners is uitgesproken tevreden over de afvalinzameling in de gemeente Midden-Drenthe. De afvalinzameling wordt gemiddeld nog beter beoordeeld dan vijf jaar geleden. Zowel de inzameling van afval bij huis als de inzamelfrequentie worden vaker als goed genoemd.

Er zijn ook verbeterpunten, zoals de aanpak van zwerfafval. Daarnaast noemt een kwart de inzamelfrequentie. De restafvalcontainer kan volgens inwoners vaker worden ingezameld. Dit geldt in de snoei- en zomermaanden ook voor groen. Daarbij merken een aantal inwoners op dat groenafval gratis zou moeten zijn. Daarnaast klagen een aantal inwoners over de PMD-container; dit wordt gezien als overbodig veel werk. Anderen zouden ook graag een papiercontainer willen. Andere verbeterpunten, die door minimaal één op de zeven worden genoemd, zijn de milieustraat (lagere prijzen, langere openingstijden) en de communicatie over huishoudelijk afval.

Eén op de vijf inwoners heeft het afgelopen jaar contact gehad met de gemeente over de afvalinzameling. Het contact ging het meest over een container die niet geleegd was. Anderen belden over een kapotte container of over zwerfafval. Tweederde is tevreden over het contact.

Houding en gedrag

Bijna negen op de tien raakt (zeer) gemotiveerd om hun afval te scheiden, wanneer de gemeente hen de mogelijkheden geeft om dit eenvoudig te doen. Ook weten dat het afval opnieuw wordt gebruikt is voor acht op de tien (zeer) motiverend. Daarnaast motiveert het een even grote groep dat ze door afval scheiden kunnen bijdragen aan een beter milieu. Kosten besparen en het krijgen van informatie over wat er met het afval gebeurt nadat het gescheiden is motiveert verder ongeveer tweederde.

Ruim vier op de vijf vindt het belangrijk om hun afval zo goed mogelijk te scheiden en daardoor zo min mogelijk restafval te produceren. Nog eens 80% is bereid om extra moeite te doen om hun afval goed te scheiden. Tweederde vindt het gemakkelijk om hun afval te scheiden. Verder weet driekwart goed hoe ze hun afval moeten scheiden. Toch twijfelt een even grote groep weleens wat ze met bepaald afval moeten doen of waar ze het in moeten gooien/ in moeten leveren.

Ten opzichte van 5 jaar geleden weten nu gemiddeld minder inwoners goed hoe ze hun afval moeten scheiden en twijfelen er gemiddeld ook meer inwoners wat ze met bepaald afval moeten doen. Dit wordt ondersteunt door het resultaat dat niet alle inwoners bij alle afvalsoorten op de hoogte zijn van hoe dit correct gescheiden moet worden aangeboden. Het gaat o.a. vaak mis bij aluminiumfolie en doordrukstrips van medicijnen. Meer dan de helft van de inwoners doet dit onterecht bij het restafval. Ook piepschuim wordt vaak in de restafvalcontainer gedaan, terwijl dit naar de milieustraat moet worden gebracht. Andere voorbeelden zijn een kapot theeglas dat onterecht in de glascontainer wordt gedaan en luiers bij het restafval. De meerderheid scheidt een opblaasbare strandbal, vleesbotjes, verpakkingspapier, een kapotte trui en theezakjes wel goed. De helft van de inwoners doet, van de tien uitgevraagde afvalsoorten, zes of meer bij de juiste afvalstroom. Een kwart doet dit voor de helft van de afvalsoorten en 24% voor minder dan de helft.

Wanneer gevraagd wordt hoe vaak men verschillende afvalsoorten gescheiden aanbied, zegt ruim de helft dit voor keukenafval, PMD, papier en karton, glas, klein chemisch afval en elektrische apparaten altijd te doen. Een prima resultaat, maar geen verbetering ten opzichte van vijf jaar geleden. Keukenafval, glas, klein chemisch afval en elektrische apparaten worden gemiddeld zelfs iets minder vaak gescheiden aangeboden. Ook textiel wordt minder vaak gescheiden dan vijf jaar geleden. Deze afvalsoort verdient de meeste aandacht; drie op de tien scheiden dit namelijk slechts soms of helemaal niet. Voor de meeste inwoners is het scheiden van incontinentiemateriaal niet van toepassing. Van diegenen die dit afval wel hebben, scheidt een even grote groep dit altijd als helemaal niet.

Houding tegenover betalen op basis van de hoeveelheid restafval

De helft van de inwoners staat (zeer) negatief tegenover het idee om te gaan betalen op basis van de hoeveelheid restafval dat men aanbiedt. Een kwart vindt het wel een (zeer) goed idee en één op de vijf staat er neutraal in. Het zijn vaker families die zich tegen het plan uitspreken. Aangezien zij met meerdere personen wonen en meer restafval produceren dan bijvoorbeeld een alleenstaande, verwachten zij meer te moeten betalen. Diegenen die zich negatief uitlaten geven in de toelichtingen verder aan bang te zijn voor een toename in afvaldumping en zwerfafval. Voorstanders vinden het een goede zaak dat de vervuiler betaalt en verwachten dat betalen op basis van de hoeveelheid restafval mensen stimuleert om beter hun afval te scheiden. Wel is er angst dat mensen afval in restafvalcontainers van andere inwoners gaan gooien.

Frequentie van afval aanbieden en mogelijkheden
Restafval

Ruim acht op de tien biedt de restafvalcontainer 1 keer per 4 weken aan. Eén op de tien doet dit 1 keer per 8 weken en 6% nog minder vaak. Ten opzichte van vijf jaar geleden bieden minder inwoners de restafvalcontainer bij elke ophaalronde aan. Tweederde vindt het precies goed dat de restafvalcontainer 1 keer per 4 weken wordt opgehaald. Eén op de vijf vindt het te weinig en 8% te veel. In vergelijking met vijf jaar geleden vinden meer inwoners de ophaalfrequentie precies goed en minder inwoners het te weinig.

GFT-afval

Acht op de tien inwoners biedt de GFT-container bij iedere ophaalronde aan. Eén op de acht doet dit 1 keer per 4 weken en 8% nog minder vaak. Ten opzichte van vijf jaar geleden, wordt de GFT-container door meer inwoners minder vaak dan 1 keer per 4 weken aangeboden. Ruim zes op de tien vindt de ophaalfrequentie van de GFT-container precies goed. Een kwart vindt de frequentie te weinig en 8% te veel. In vergelijking met de meting in 2020 vinden procentueel minder inwoners de ophaalfrequentie te weinig.

De meest genoemde reden waarom inwoners het keukenafval niet altijd scheiden, is omdat ze het in de restafvalcontainer doen als deze eerder wordt opgehaald (38%). Nog eens één op de vijf geeft aan het teveel moeite te vinden en één op de tien denkt dat het uiteindelijk toch weer op één hoop terecht komt. Bij de anders, namelijk zeggen inwoners vaak zelf te composteren.

Het wekelijks legen van de GFT-container in de zomer zal vier op de tien helpen om het afval beter te scheiden. Het is, net als in 2020, de meest genoemde mogelijkheid. Een duidelijke scheidingswijzer over wat wel en niet bij het GFT-afval hoort staat op de tweede plek wat betreft mogelijkheden. Er is ten opzichte van vijf jaar geleden meer behoefte aan een duidelijke scheidingswijzer. Het GFT-afval altijd wekelijks ophalen vindt één op de zeven een goede maatregel en één op de tien heeft behoefte aan hulpmiddelen die worden verstrekt door de gemeente. Beide mogelijkheden worden minder vaak genoemd in vergelijking met 2020.

PMD-afval

Zeven op de tien biedt de PMD-container 1 keer per 2 weken aan. Eén op de vijf doet dit 1 keer per 4 weken en 8% nog minder vaak. Ook de PMD-container wordt, ten opzichte van vijf jaar geleden, door minder inwoners bij iedere ophaalronde aangeboden. Ruim zeven op de tien vindt de ophaalfrequentie van de PMD-container precies goed. Slechts 3% vindt de frequentie te weinig en een kwart te veel. Ten opzichte van vijf jaar geleden vinden procentueel meer inwoners de ophaalfrequentie te vaak.

In vergelijking met de meting in 2020 zijn er nu minder inwoners die hun PMD-afval niet altijd scheiden, omdat ze niet weten wat in de PMD-container mag. Het blijft met 32% wel de meest genoemde reden. Ruim één derde zou dan ook baat hebben bij een duidelijke scheidingswijzer over wat wel en niet bij PMD hoort. Eén op de vijf scheidt niet altijd omdat ze denken dat het uiteindelijk toch weer op één hoop terecht komt. Nog eens 15% zegt dat het afval in de restafvalcontainer gaat als deze eerder wordt opgehaald.

Oud papier en karton

Er heerst grotendeels tevredenheid over de inzameling van het oud papier en karton; ruim acht op de tien geeft één van de twee groene smileys. In Smilde heerst gemiddeld de meeste kritiek op de inzameling. In deze kern klagen inwoners o.a. over dat ze geen aparte container hebben voor het oud papier. Dit is ook de meest genoemde mogelijkheid die kan helpen om oud papier en karton beter te scheiden. In zijn algemeenheid wordt kritiek geuit op de ophaalfrequentie. Doordat dit door vrijwilligers wordt gedaan is de frequentie volgens sommigen te laag. Aanvullend wordt door een aantal inwoners de opmerking gemaakt dat in de zomervakantie er helemaal geen ophaalrondes worden gedaan, dan stapelt het oud papier zich behoorlijk op.

De meest genoemde reden om papier en karton niet altijd te scheiden is te weinig opslagruimte in huis (19%). Nog eens één op de zeven vindt het teveel moeite en/of zegt dat het niet vaak genoeg wordt opgehaald aan huis. In navolging hiervan geeft een even grote groep aan dat het meegaat in de restafvalcontainer als dit eerder wordt opgehaald. Ten opzichte van vijf jaar geleden zeggen twee keer zoveel inwoners het scheiden van papier en karton te veel moeite te vinden.

Luiers en incontinentiemateriaal

De meest genoemde reden om luiers en incontinentiemateriaal niet altijd te scheiden is omdat het meegaat in de restafvalcontainer als dit eerder wordt opgehaald (37%). Nog eens een kwart zegt het teveel moeite te vinden en 18% geeft aan dat ze niet op de hoogte waren dat dit gescheiden wordt. Eén derde van de inwoners met luiers en/of incontinentiemateriaal maakt gebruik van de gratis luierzakken. Door meer/ betere communicatie over de gratis luierzakken zal het gebruik ervan hoogstwaarschijnlijk toenemen.

Informatievoorziening gemeente, milieustraat en circulariteit
Informatievoorziening gemeente

Inwoners zijn gemiddeld tevreden over de huidige informatievoorziening van de gemeente met betrekking tot afval. Ten opzichte van vijf jaar geleden wordt alleen de mate dat informatie op het juiste moment wordt aangeboden/ gecommuniceerd gemiddeld iets minder goed beoordeeld. Als verbeterpunt geven inwoners o.a. aan behoefte te hebben aan een AfvalWijzer op papier; niet iedereen vindt de app even eenvoudig. Verder zou het fijn zijn als ook de ophaaldagen van het oud papier in de AfvalWijzer worden opgenomen.

Zeven op de tien gebruikt de AfvalWijzer app om aan informatie over afval te komen. De app is ook de meest genoemde voorkeursbron voor informatie over afvalinzameling en het scheiden van huishoudelijk afval. De introductie van de app zorgt ervoor dat de website van de gemeente en de gemeentepagina in De Krant van Midden-Drenthe minder vaak gebruikt worden voor informatie over afval ten opzichte van vijf jaar geleden.

Milieustraat

In totaal gaat negen op de tien weleens naar één van de twee milieustraten. De milieustraat in Beilen wordt verreweg het meest bezocht door de inwoners (76%). Nog eens 15% gaat het vaakst naar de milieustraat van Koers in Bovensmilde.

Er heerst over het algemeen tevredenheid over beide milieustraten. De meeste kritiek wordt geuit op de kosten. Wat betreft de milieustraat in Beilen heerst ook enige kritiek op de openingstijden en de afstand vanaf het huis tot de dichtstbijzijnde milieustraat.

Circulariteit

Tweederde van de inwoners heeft in de afgelopen drie jaar weleens iets gekocht bij een kringloopwinkel. Nog eens 70% heeft (ook) weleens iets naar een kringloopwinkel gebracht. Iets kopen (72%) of verkopen (75%) via een platform voor tweedehands spullen doet ruim zeven op de tien. In totaal heeft 95% van de inwoners in de afgelopen drie jaar iets gedaan met circulariteit.

Benieuwd naar het hele rapport?

Klik op het PDF logo om het rapport te downloaden.

PDF logo

 

Ruim driekwart van de inwoners is uitgesproken tevreden over de afvalinzameling in de gemeente Midden-Drenthe. De afvalinzameling wordt gemiddeld nog beter beoordeeld dan vijf jaar geleden. Zowel de inzameling van afval bij huis als de inzamelfrequentie worden vaker als goed genoemd.

Gemiddeld wordt de leefbaarheid in de dorpen en wijken beoordeeld met een 7,3 als rapportcijfer. Dit cijfer geeft aan dat inwoners over het algemeen tevreden zijn, maar ook ruimte zien voor verbetering.

Inwoners verwachten op de website van de gemeente o.a. te vinden welke subsidiemogelijkheden er zijn voor verduurzaming. Daarnaast verwacht men te lezen over hoe afval kan worden gescheiden en welke adviezen/ tips de gemeente heeft rondom duurzaamheid.